De tempeldienst in de tijd van Jezus

De tempel die Salomo had gebouwd, was door de troepen van Nebukadnessar in de as gelegd. Na de Babylonische ballingschap was een aantal Joden echter naar Jeruzalem teruggekeerd om hem te herbouwen. Maar toen de fundamenten werden gelegd, weenden zij die de vroegere tempel nog hadden gekend, uit teleurstelling over het bescheiden karakter van dit nieuwe huis Gods. De profeet Haggai moest ze aanmoedigen:

Wie van jullie heeft deze tempel nog in zijn vroegere luister gezien? En hoe ziet hij er nu uit? Jullie denken zeker dat het niets meer kan worden! Maar houd vol … de luister van deze tempel zal groot zijn, nog groter dan voorheen – zegt de HEER van de hemelse machten – en van hieruit zal ik jullie vrede en voorspoed geven (Haggaï 2:3-4,9).

In werkelijkheid waren ze nog eeuwen onderworpen aan de Perzen en de Grieken. Toen echter de hellenistische Antiochus Epifanes de tempel ontheiligde door er zwijnenvlees te offeren (om ze te dwingen zijn ‘superieure’ Griekse goden te erkennen), rukte het volk zich tenslotte los en was vanaf
165 vGT. weer onafhankelijk. Maar in 63 v.GT. viel de Romeinse keizer Pompejus het land binnen, en keerde de vroegere situatie weer terug.

De tempel in de 1e eeuw

Toch: wat een enorm verschil met dat bescheiden begin uit de tijd van Haggaï zouden de aanbidders 500 jaar later aantreffen! Daar stond toen het tempelcomplex van de fanatieke bouwer Herodes de Grote, de Idumeese koning die de Romeinen over het land hadden aangesteld. Hij had de top van de tempelberg kunstmatig geëffend en verbreed en zo het tempelplein uitgebreid tot een vlakte van ca. 300 bij 450 meter, met de tempel zelf (ca. 180 bij 100 m) centraal daarop. Het was een schitterend bouwwerk, verfraaid met goud en zilver en allerlei edelstenen. Vooral vanuit het oosten, vanaf de Olijfberg, had men een fantastisch zicht op deze glinsterende tempel die hoog boven de stad uitstak.

Joden kwamen uit alle delen van de wereld om daar te aanbidden en hun geschenken en offers te brengen. Men heeft berekend dat het plein ruim 200.000 mensen kon bevatten!
In zo’n enorme tempel waren heel veel priesters en Levieten nodig om voor alles te zorgen en de offers van alle aanbidders te brengen. De priesters waren ingedeeld in 24 afdelingen, volgens de regeling van koning David van duizend jaar eerder (1 Kron. 24:1,19). Volgens Joodse traditie woonde de helft van hen in Jeruzalem. Elke afdeling deed twee keer in het jaar een week lang dienst. Wanneer Lucas ons vertelt over de priester Zacharias, de vader van Johannes de Doper, zegt hij bij welke afdeling hij hoort – die van Abia (Lucas 1:5, verg. 1 Kron. 24:10). De wet van Mozes schreef ook voor dat de priester (eigenlijk de hogepriester) ’s ochtends en ’s avonds reukwerk moest branden op het reukofferaltaar (Ex. 30:1,7-8). En we lezen dat het lot viel op Zacharias om dat reukoffer in het heiligdom te brengen (Luc.
1:8-9).

Aangezien er in Jezus’ tijd misschien wel 20.000 priesters waren, was het een groot voorrecht die taak te mogen verrichten; sommigen zouden er hun leven lang op wachten zonder ooit aan de beurt te komen.
Het ijveren van de priester Ezra, na de terugkeer, voor wetsonderricht en de stipte naleving van de wet, leidde tot het ontstaan van de partij van de Farizeeën, die zich strikt aan de wet van Mozes hielden. Maar in hun ijver geen enkel gebod te overtreden, voerden zij een heel scala aan ‘overleveringen’ in, die wij kennen als de Misjna. Deze waren een soort commentaar op de Wet en probeerden precies vast te stellen wat wel en wat niet mocht. De Here Jezus kwam op dat punt met hen in botsing, want hun nadruk op de letter van de Wet en het negeren van de geest daarvan leidde gemakkelijk tot huichelarij en vormde daarmee een gevaar voor het geloof van het volk.
Daartegenover stonden de priesters, en de hogepriester, leden van de partij van de Sadduceeën en zowel politiek als godsdienstig georiënteerd. Zij vormden in Jeruzalem de aristocratie en onderhielden nauwe contacten met het koningshuis van de Hasmoneeën en de partij van de Herodianen.
Zij werden door het gewone volk gehaat, omdat zij samenwerkten met de Romeinen, terwijl de Farizeeën bij het volk juist in groot aanzien stonden, omdat zij voor hen opkwamen en zich inspanden hun de Wet te leren.

Jezus en de tempel

Beide elementen, de naleving van de wet, en de leer en praktijken van deze twee partijen, zien wij in de Evangeliën duidelijk naar voren komen. Bij de geboorte van Johannes de Doper, en ook van de Here Jezus, werd het voorschrift van besnijdenis op de achtste dag strikt nageleefd (Lucas 1:59 en 2:21). Ook het bezoek aan de tempel voor de reinigingsprocedure van Maria voor een eerstgeboren zoon en het voorstellen van haar kind aan God, 40 dagen na de geboorte, worden door Lucas nauwkeurig beschreven (Luc. 2:22-24). Later, toen Jezus als twaalfjarige, misschien voor het eerst, met Jozef en Maria opging naar Jeruzalem voor het pesachfeest (Pasen), bleef hij in de tempel achter om vragen te stellen aan de leraren. Dat zullen de schriftgeleerden zijn geweest, wier taak het was onderricht te geven in de Wet. Dit deden zij in de zgn. ‘Zuilengang van Salomo’, aan de oostzijde van het tempelplein. Pas na drie dagen hebben Jozef en Maria Hem daar gevonden. Maar op hun verwijt

“Kind, wat heb je ons aangedaan?”

was zijn onthullend antwoord:

“Wist u niet dat ik in het huis van mijn Vader moest zijn?” (Lucas 2:41-50).

Al op jonge leeftijd was Jezus zich bewust van zijn roeping, en hij zocht hier antwoorden op de diepgaande vragen die de dorpsrabbijn in Nazaret Hem niet langer kon geven. Zelfs de leraren in de tempel stonden versteld van zijn inzicht en zijn antwoorden (Luc.2:47).
Er volgde voor de Here nog een lange voorbereidingstijd, van 18 jaar. Hij zou telkens weer opgaan naar Jeruzalem voor elk van de drie grote feesten, en vertrouwd raken met de tempel en de offerdienst daar. Met zijn begrip van de profetieën en de voorbeelden uit het Oude Testament, zouden de offers een constante herinnering voor hem zijn aan het offer dat hij zelf ooit zou moeten brengen. Abraham mocht een ram als offer de plaats laten innemen van zijn zoon Isaak. Maar Jezus was zelf het offerlam, dat de Vader niet zou sparen. Maar intussen moest hij werken en zijn moeder helpen voor een groeiend gezin te zorgen. Van Jozef leerde hij het timmermansvak, want al zou hij ooit leraar zijn, elke Joodse jongen moest ook een vak kennen, zoals later Paulus tentenmaker was. Deze periode zou een tijd van groeiende
mensenkennis zijn en de regelmatige reizen naar Jeruzalem, voor de feesten, zouden het schrille contrast onderstrepen tussen het weelderige leven van de priesters en het dorpsleven van het gewone volk.

Totale reiniging

File:Casting out the Moneychangers from the Temple, by Johann Thorn Prikker, c. 1912, stained glass - Germanisches Nationalmuseum - Nuremberg, Germany - DSC02342.jpg

De verdrijving van geldwisselaars uit de tempel, door Johann Thorn Prikker, c. 1912, gebrandschilderd glas – Germanisches Nationalmuseum – Nuremberg, Duitsland

Wanneer Jezus dan, de eerste keer na zijn doop en zijn beproeving in de woestijn, naar een Paasfeest gaat, vinden wij Hem in conflict met de autoriteiten. De tijd van handelen was nu aangebroken; het huis van zijn Vader mocht niet langer als een markt worden gebruikt!
Op het tempelplein trof Hij de handelaars in runderen, schapen en duiven aan, en de geldwisselaars die daar altijd zaten. Hij maakte een zweep van touw en joeg ze allemaal de tempel uit, met hun schapen en runderen. Hij smeet het geld van de wisselaars op de grond, gooide hun tafels omver en riep tegen de duivenverkopers:

‘Weg ermee! Jullie maken een markt van het huis van mijn Vader!’ (Johannes 2:14-16).

Jezus was boos. Dit tempelplein was de enige plaats waar niet-Joden, aangeduid als heidenen, God mochten aanbidden. Hoe moest dat, als om hen heen niets anders was te horen dan loeien en blaten en handelsleuzen?
De priesters waren ook boos – op Jezus! Want zij werkten nauw met deze handelaars samen en verdienden daar veel geld aan omdat de gelovigen volgens de wet alleen gave offerdieren mochten aanbieden, en de priesters die moesten goedkeuren; en iets dergelijks gold ook voor het wisselen van
‘profaan’ geld, dat iedere gelovige verplicht moest omwisselen voor tempel-geld om zijn verplichte en vrijwillige heffingen en gaven te voldoen. Ze eisten van hem een bewijs van zijn bevoegdheid, maar zijn antwoord was zowel provocerend als profetisch:

“Breek deze tempel maar af, en ik zal hem in drie dagen weer opbouwen” (v.19).

De tempel afbreken – ondenkbaar! Hun hele leven draaide om de tempel. En in drie dagen opbouwen? Zesenveertig jaar lang had de bouw al geduurd en nog was die niet gereed (pas in 64 GT. zou die zijn voltooid); hoe zou Jezus zoiets kunnen doen? Deze Jezus was óf gek, óf een verrader van zijn volk. Maar, verklaart Johannes,

“hij sprak over de tempel van zijn lichaam” (v.21).

Hij was de ware tempel, waarin God woonde, en al zouden deze zelfde priesters hem laten doden, toch
zou hij binnen drie dagen weer leven. En de tempel waar zij zo trots op waren zou hetzelfde lot treffen als de tempel van Salomo.
Maar er stak nog iets meer achter dit optreden van Jezus. Bij het instellen van het Paasfeest (pesach) in Egypte, werd bepaald dat er in de huizen van de Israëlieten dan zeven dagen lang geen zuurdesem te vinden mocht zijn (Exodus 12:19). Daarom wordt het ook ‘het feest van het ongezuurde (of on-
gedesemde) brood’ genoemd. Onder de Joden werd het een gewoonte, die ook nu nog bestaat, dat er voorafgaand aan dat feest een grote schoonmaak plaatsvindt van het hele huis. De profeet Sefanja vergelijkt deze praktijk met de manier waarop God zijn stad doorzoekt om de bozen er uit weg te doen
(Sef. 1:12). Zo heeft de Here Jezus in de tempel grote schoonmaak gehouden, en dat zou hij aan het eind van zijn 3½ jaar prediking opnieuw doen.

  • C.T.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.