De verbonden – samenvatting

“Nu, van de dingen die we hebben gesproken, dit is de uitkomst.”

Men heeft gezien dat verlossing van zonde en dood, de eerste noodzaak van ons ras, is voorzien in het goddelijke doel. Om zijn doel te bereiken, sloot God een verbond met Abraham dat de zegen aan alle families van de aarde zou worden gegeven door middel van zijn zaad.
Het verbond met Abraham was niet een overeenkomst dat de families van de aarde gezegend moesten worden, maar dat de eer van het zegenen ervan zou moeten worden verleend. aan het zaad van Abraham.

Het verbond met Abraham bevatte niet de voorziening voor de vervulling van zijn genadige belofte.
Hagar, de dienstmaagd, bracht een zaad voort, maar haar kind was niet het beloofde zaad. Het Wetsverbond trachtte het beloofde “zaad” voort te brengen, maar kon het niet. Het bracht een zaad voort tot slavernij, net zoals Hagar deed in de allegorie. – (Ex.19: 5,6; Rom. 8: 1).

“5 welnu, als ge horende hóórt naar mijn stem en mijn verbond bewaakt, dan zult ge mij kostbaarder wezen dan alle gemeenschappen; want van mij is heel de aarde; 6 maar gíj zult mij een koningshuis van priesters wezen, een volk van heiliging!- dit zijn de woorden die je tot de zonen Israëls moet spreken!” (Ex 19:5-6 NB)

“Dus is er nu geen enkele veroordeling voor wie één zijn met Christus Jezus.” (Ro 8:1 NB)

Na enige tijd baarde Sara, de vrije vrouw, Izaak, het beloofde kind. Dus na verloop van tijd brengt het Nieuwe Verbond, een vrijheidsverbond (Gal. 5: 1: juk van slavernij of slavernij) de Zonen van God voort door Jezus Christus. – [Inwisselen; adoptie van zonen; erfgenaam van God door Christus; een bemiddelaar (tussenpersoon) Christus; God is slechts één Persoon en de enige partij bij het geven van belofte aan Abraham; wet van de Geest van leven in Christus Jezus. (Gal. 4: 5-7; 3:20; Rom. 8: 1-4; Hebr. 9:15).]

“5 opdat hij de mensen onder een Wet zou loskopen, opdat wij de rang van zonen-en-dochters zouden mogen ontvangen. 6 Omdat ge zonen-en-dochters zijt heeft God de geest van zijn Zoon uitgezonden onze harten in en die schreeuwt uit ‘Abba!’, ‘Vader!’ 7 Zodat je geen dienstknecht meer bent maar zoon-of-dochter; en indien zoon-of-dochter, dan ook erfgenaam, door God.” (Ga 4:5-7 NB)

“Maar de middelaar vertegenwoordigt altijd meer dan één persoon; God echter is één.” (Ga 3:20 NB)

“1  Dus is er nu geen enkele veroordeling voor wie één zijn met Christus Jezus. 2 Want de wet van de Geest, van het leven in eenheid met Christus Jezus, heeft je vrijgemaakt van de wet van de zonde en de dood. 3 Want dat was voor de wet onmogelijk, doordat hij stukliep op de zwakheid van het vlees. Maar God heeft zijn eigen zoon gestuurd in de gedaante van door zonde overheerst vlees, en ter wille van zonde heeft hij in datzelfde vlees het oordeel over de zonde voltrokken, 4 opdat aan de rechtseis van de Wet zou worden voldaan doordat we niet meer wandelen naar ons vlees maar naar de Geest.” (Ro 8:1-4 NB)

“En daarom is hij de middelaar van een nieuw verbond: er is een dood geschied tot verlossing van de overtredingen bij het eerste verbond, en nu kunnen de geroepenen het aangekondigde aannemen van het eeuwige erfdeel.” (Heb 9:15 NB)

De reden waarom het Abrahamitische Verbond het beloofde “Zaad” niet kon ontwikkelen, was omdat het geen voorziening bevatte voor redding van zonde en dood.
Het Hagar of het Wetsverbond bevatte een dergelijke bepaling, maar deze werd ontoereikend bevonden, alleen maar slavernij veroorzakend. Het nieuwe verbond bevat een dergelijke bepaling, gebaseerd op het bloed van Jezus, vergoten voor de bekrachtiging ervan en ook voor de vergeving van zonden. De voorziening in het Nieuwe Verbond is volkomen toereikend voor de vergeving van zonden uit het verleden en toekomstige, voor zover ze voortkomen uit Adamische zwakheid. Het Nieuwe Verbond is daarom bevoegd om de “moeder” te zijn van het beloofde “Zaad.”

– Twee verbonden: één vanaf de berg Sinaï + één door het aanbieden van het lichaam van Jezus Christus eens voor altijd; Christus (de Messias, de Gezalfde) stierf voor ons> gerechtvaardigd door zijn bloed, vrijgesproken, rechtvaardig gemaakt en in de juiste relatie met God gebracht; verzoening ontvangen en schadeloosstelling genietend (Gal. 4: 22-31; Hebr. 10: 1-10; Rom. 5: 6-11; 1 Johannes 1: 7-9; 2: 2).

“22 Er staat immers geschreven dat Abraham twéé zonen had, één uit het dienstmeisje en één uit de vrije vrouw. 23 Die uit het dienstmeisje is ‘naar het vlees’ voortgebracht, en die uit de vrije vrouw door de belofte. 24 Deze dingen moeten zinnebeeldig worden verstaan; want de twee vrouwen zijn twee verbonden; het eerste is afkomstig van de berg Sinaï en brengt knechtschap voort: dat is Hagar. 25 ‘Hagar’ is de berg Sinaï in Arabië, en die beantwoordt aan het Jeruzalem van nu; want dat leidt met haar kinderen een dienstknechtelijk bestaan. 26 Maar het Jeruzalem bóven is een vrije vrouw, en die is onze moeder; 27 er staat immers geschreven: ‘verheug je, onvruchtbare die niet baart, barst uit en schater, jij die geen weeën kent, want talrijker zijn de kinderen van de verlatene dan van haar die de man heeft!’ 28 Welnu, gíj, broeders-en-zusters, zijt zoals Isaak kinderen van belofte! 29 Maar zoals toen degene die ‘naar het vlees’ is voortgebracht hem die ‘naar de Geest’ kwam vervolgde, zo gaat het ook nu. 30 Maar wat zegt de Schrift? ‘Drijf het dienstmeisje en haar zoon uit; want de zoon van het dienstmeisje zal niet mee-erven met de zoon van de vrije vrouw!’ 31 Samenvattend, broeders-en-zusters: wij zijn geen kinderen van een dienstmeisje maar van een vrije vrouw!” (Ga 4:22-31 NB)

“1  De Wet heeft maar een scháduw van de goede dingen die gaan komen, niet de gestalte zelf van die zaken; ze kan dus onmogelijk met dezelfde offerdieren die zij elk jaar weer offeren hén, die daartoe komen, vervolmaken; 2 zouden ze anders het offeren niet gestaakt hebben, omdat die Godsvereerders eens-en-voorgoed gereinigd, geen enkel geweten van zonden meer hebben? 3 Maar door die offers elk jaar bleef de gedachte aan zonden; 4 want het is onmogelijk dat het bloed van stieren en bokken zonden wegneemt. 5 Daarom zegt hij, komende in de wereld: ‘offerdier en offerande hebt gij niet gewild, maar mij hebt gij een lichaam bereid; 6 in brandoffers en zondoffers hebt gij geen behagen gehad, 7  toen zei ik: zie, ik kom, aan het hoofd van een boek staat over mij geschreven, God, dat ik uw wil zal doen’. 8 Hogerop zegt hij: ‘offerdieren en offeranden en brandoffers en zondoffers hebt gij niet gewild en hadden niet uw behagen,’ die toch naar de Wét worden geofferd; 9 daarna heeft hij gezegd: ‘zie, ik kom om uw wil te doen!’. Hij heft het eerste op om het tweede te stellen; 10 in die wil zijn wij geheiligd eens-en-voorgoed door het offer van het lichaam van Jezus Christus.” (Heb 10:1-10 NB)

“6  zo waar als Christus, toen wij zwak waren, nog in dat tijdsgewricht voor goddelozen is gestorven. 7 Want nauwelijks zal iemand voor een rechtvaardige sterven, al zal misschien iemand voor één die goed is toch durven sterven; 8 maar God betoont zijn liefde aan ons omdat, toen wij nog zondaars waren, Christus voor ons is gestorven. 9 Zoveel te meer zullen wij dan, nu gerechtvaardigd in zijn bloed, door hem worden gered van de toorn. 10 Want als wij als zijn vijanden met God zijn verzoend door de dood van zijn zoon, zoveel te meer zullen wij, verzoend, worden gered in zijn leven. 11 Maar niet alleen dat, ook roemen wij in God door onze Heer Jezus, door wie wij nu de verzoening hebben ontvangen.” (Ro 5:6-11 NB)

“7 als we in het licht wandelen zoals hij in het licht verkeert, dan is er gemeenschap tussen ons beiden en reinigt het bloed van zijn zoon Jezus ons van alle zonde; 8  als we zeggen dat we geen zonde hebben, misleiden we onszelf en woont er geen waarheid in ons; 9 als we onze zonden belijden: hij is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid;” (1Jo 1:7-9 NB)

“zelf is hij de verzoeningvan onze zonden, niet van de onze alleen maar ook van heel de wereld.” (1Jo 2:2 NB)

Jezus is de Middelaar van het Nieuwe Verbond en is ook Hogepriester namens Zijn Kerk. Hij verzoent zowel God met ons als ons met de Vader; en, nadat we een verbondsrelatie zijn aangegaan, pleit hij namens ons wanneer we een overtreding begaan.

Mozes was een type van Christus, zowel als boodschapper van een verbond en als voorbidder voor het overtredende verbondsvolk. – Bij het nakomen van Gods verbond kunnen mensen een bijzondere schat voor God zijn boven alle mensen; Mozes nam het Boek van het Verbond en las het voor aan het volk; Jehovah God, de Heer der heerscharen, zal zijn boodschapper zenden, die de weg voor Hem zullen bereiden + wanneer deze gezondene van de aarde wordt opgeheven, zal hij alle mensen [zowel heidenen als joden] naar zich toe trekken en aantrekken; door zoveel, in overeenstemming met de grotere sterkte en kracht van de eed, werd Jezus een borgstelling of garantie gegeven voor een beter testament [een uitnemend en voordeliger verbond]. (Ex.19: 1-8; 24: 1-8; 32: 30-32; Mal. 3: 1; Johannes 12:32, 33; Heb. 7:22, 25; 8: 6; 9:15; Rom. 8:34).

“32 en als ik van de aarde zal worden omhooggeheven zal ik allen tot mij trekken! 33 Door dit te zeggen heeft hij in tekentaal aangeduid wat voor dood hij zou gaan sterven.” (Joh 12:32-33 NB)

“zó is ook Jezus borg geworden van een beter verbond.” (Heb 7:22 NB)

“Daarom kan hij ook geheel en al redden diegenen die door hem tot God komen, want daarvoor leeft hij altijd: om voor hen tussenbeide te komen.” (Heb 7:25 NB)

“Maar nu heeft hij een evenzo voortreffelijker bediening gekregen als hij ook middelaar is van een beter verbond, dat op betere aankondigingen gevestigd en gewettigd is.” (Heb 8:6 NB)

“En daarom is hij de middelaar van een nieuw verbond: er is een dood geschied tot verlossing van de overtredingen bij het eerste verbond, en nu kunnen de geroepenen het aangekondigde aannemen van het eeuwige erfdeel.” (Heb 9:15 NB)

“Wie is het die veroordeelt? Christus Jezus, die gestorven is, wat meer is: opgewekt,- die is ter rechterhand van God, die ook voor ons pleit?” (Ro 8:34 NB)

Zij die zich onderwerpen aan de bediening van het Nieuwe Verbond zullen leven ontvangen; het is een bediening van de Geest die leven geeft, terwijl de letter of het Oude Verbond veroordeling en dood bracht. De werking van het Nieuwe Verbond is bedoeld voor de vorming van karakter, en het leven dat wordt verleend aan degenen die er getrouw onder zijn, kan op elk gebied zijn; het Nieuwe Verbond bepaalt op zichzelf niets. Christus heeft zowel leven als onsterfelijkheid aan het licht gebracht door het Evangelie. – Bediening of bedeling van de Geest die gerechtigheid brengt, een rechtvaardig leven aanmoedigt en een rechtschapenheid met God bevordert; om permanent in glorie en pracht te verblijven; Christus heeft een priesterlijke bediening verworven die even veel superieur en uitmuntend is als het oude, aangezien het verbond (de overeenkomst) waarvan hij de middelaar is (de scheidsrechter, vertegenwoordiger) superieur en voortreffelijker is, [omdat] het wordt uitgevoerd en berust op belangrijkere (verhevener, hogere en edeler) beloften.
Mensen bleven niet in God, Zijn overeenkomst met hen, dus trok Hij Zijn gunst in en negeerde hen. Als God spreekt over een nieuw verbond of overeenkomst, maakt Hij het eerste overbodig (buiten gebruik of achterhaald). (2 Kor.3: 3, 8, 9, 11, 18; Hebr.8: 6-13; 2 Tim.1: 10, 11).

“u van wie is gebleken dat ge een brief van Christus zijt die door ons dienstwerk opgesteld is, geschreven niet met inkt maar met geestesadem van een levende God, niet op stenen platen maar op platen van vlees-en-bloed, in harten.” (2Co 3:3 NB)

“8 hoeveel te meer zal dan niet het dienstwerk van de Geest er zijn in heerlijkheid! 9 Want als het dienstwerk dat tot veroordeling leidt al heerlijkheid is, zoveel te meer is dan het dienstwerk dat rechtvaardiging verkondigt overvloedig in heerlijkheid!” (2Co 3:8-9 NB)

“want als het vergankelijke er al was door heerlijkheid, zoveel te meer is dan wat blijft in heerlijkheid!” (2Co 3:11 NB)

“En wij allen, die met onbedekt aanschijn de heerlijkheid des Heren weerspiegelen, worden naar datzelfde beeld van gedaante veranderd, van heerlijkheid tot heerlijkheid, zoals dat is door de Heer die Geest is.” (2Co 3:18 NB)

“6 ¶ Maar nu heeft hij een evenzo voortreffelijker bediening gekregen als hij ook middelaar is van een beter verbond, dat op betere aankondigingen gevestigd en gewettigd is. 7 Want als dat eerste onberispelijk was geweest, was er geen plaats gezocht voor een tweede. 8 Want hij berispt hen als hij zegt: ‘zie er komen dagen, zegt de Heer, dat ik over het huis Israël en het huis Juda een nieuw verbond zal vervolmaken, 9 niet als het verbond dat ik sloot met hun vaderen op de dag dat ik hen bij hun hand nam om hen uit te leiden uit Egypte,- omdat zij in mijn verbond niet bleven en ík mij niet meer om hen bekommerde, zegt de Heer; 10 omdat dit het verbond is waarmee ik mij aan het huis Israël na die dagen zal verbinden, zegt de Heer: ik zal mijn wetten een plaats geven in hun denken en ze schrijven op hun harten; ik zal hun tot God zijn en zij zullen mij tot gemeente zijn; 11 en zij zullen niet meer ieder zijn stadgenoot onderrichten en ieder zijn broeder-en-zuster, zeggend: je moet de Heer kennen!, omdat allen van mij zullen weten, van klein tot groot bij hen; 12 omdat ik verzoenend zal zijn voor hun ongerechtigheden en hun zonden geenszins meer zal gedenken!’ 13 Door te spreken van ‘een nieuw’ heeft hij het eerste oud gemaakt; en wat oud wordt en veroudert is de verdwijning nabij.” (Heb 8:6-13 NB)

“10 maar nu is verschenen door de verschijning van onze redder, Christus Jezus, die de dood werkeloos heeft gemaakt en door de evangelieverkondiging leven en onvergankelijkheid heeft laten oplichten,(-) 11 waartoe ik ben aangesteld als prediker en apostel en leraar.” (2Ti 1:10-11 NB)

Degenen die met God verzoend zijn, hebben het voorrecht om de boodschap over het Nieuwe Verbond en zijn Middelaar te verkondigen, en zouden dat zo veel mogelijk moeten doen. – Alle dingen zijn van God, die ons door Jezus Christus met Zichzelf verzoend heeft. Daarom mogen we niet vergeten dat er maar één God en één middelaar is tussen God en de mensheid, de man Christus Jezus, die zichzelf gaf als losprijs voor alle mensen. God heeft hem die geen zonde had tot zonde voor ons gemaakt, zodat we in hem de gerechtigheid van God zouden worden. Berouw voor de vergeving van zonden zal in zijn naam aan alle naties worden gepredikt, te beginnen in Jeruzalem. (2 Kor.5: 18-21; 1 Tim.2: 4-7; Lucas 24:47).

“18 Maar dat alles is uit God, die ons met zichzelf verzoend heeft door Christus, en óns gegeven heeft de dienst der verzoening, 19 als dat het God is geweest die in Christus de wereld heeft verzoend met hem, en aan hen hun misstappen niet heeft toegerekend, en die het woord der verzoening in ons heeft gelegd. 20 Omwille van Christus zijn wij gezanten, zodat God door óns oproept; wij smeken omwille van Christus: laat u met God verzoenen! 21 Hem die geen zonde heeft gekend heeft hij voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden: Gods gerechtigheid,- in eenheid met hem.” (2Co 5:18-21 NB)

“4 die wil dat alle mensen worden gered en tot waarachtige kennis komen. 5 Want God is één, één is ook de middelaar tussen God en mensen: een mens, Christus Jezus, 6 die zichzelf gegeven heeft als losprijs voor allen; waarvan het getuigenis is op geëigende tijdstippen; 7 waartoe ík ben aangesteld als prediker en apostel -ik spreek waarheid, ik lieg niet- als leermeester van heidenen in geloof en waarheid.” (1Ti 2:4-7 NB)

“en in zijn naam moet bekering gepredikt worden tot vergeving van zonden, aan alle volkeren, beginnend bij Jeruzalem;” (Lu 24:47 NB)

Het bloed van het nieuwe verbond is alleen dat van Jezus.

De Kerk wordt uitgenodigd om in zijn voetsporen van lijden te volgen, zodat ze in zijn glorie mag delen; dat zoals hij een troon overwon en erfde, zo zij de troon met hem kan overwinnen en erven. Dit delen van zijn lijden mag niet worden gezien als een deelname met hem aan het vergieten van het bloed dat nodig is voor de verzegeling van het Nieuwe Verbond. Door zijn eigen offer deed hij dit, opdat wij de eeuwige erfenis zouden mogen verkrijgen. Het bloed van het verbond dat vervolmaakt en heiligt, is

‘mijn bloed’,

en als we het tellen, als iets dat door een aantal wordt gedeeld (“Koines”, vertaald met “onheilig” in Hebr. 10:20, betekent “gewoon in de zin van delen”), zullen we onszelf in Gods ogen niet kunnen rechtvaardigen als het niet verdienen van “veel zwaardere straf ” dan overtreders van het Mozaïsche Verbond. – Jezus bloed (beker) van het nieuwe testament of verbond, vergoten voor velen, bekrachtiging van de overeenkomst en tot vergeving van zonden. Om deze reden is Christus, de Messias, de middelaar van een nieuw verbond, opdat degenen die geroepen zijn de beloofde eeuwige erfenis mogen ontvangen. (Matt. 26:28; Marcus 14:24; Lukas 22:20; 1 Kor. 11:25; Openb. 3:21; Hebr. 9:15; 10:10, 14, 28-31).

“want dit is mijn bloed van het verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden;” (Mt 26:28 NB)

“Hij zegt tot hen: dit is mijn bloed van het verbond,- dat voor velen wordt vergoten;” (Mr 14:24 NB)

“Evenzo met de beker ná de maaltijd, zeggend: deze drinkbeker is het nieuwe verbond door mijn bloed, dat voor u vergoten wordt;” (Lu 22:20 NB)

“Evenzo ook de drinkbeker ná de maaltijd, zeggend: deze drinkbeker is ‘het nieuwe verbond door mijn bloed’; blijft dit doen, zo dikwijls gij drinkt, om mij te gedenken!” (1Co 11:25 NB)

“wie overwint, hem zal ik geven met mij te zitten op mijn troon, zoals ook ik heb overwonnen en met mijn Vader zit op zijn troon;” (Opb 3:21 NB)

“En daarom is hij de middelaar van een nieuw verbond: er is een dood geschied tot verlossing van de overtredingen bij het eerste verbond, en nu kunnen de geroepenen het aangekondigde aannemen van het eeuwige erfdeel.” (Heb 9:15 NB)

“in die wil zijn wij geheiligd eens-en-voorgoed door het offer van het lichaam van Jezus Christus.” (Heb 10:10 NB)

“Ja, in één offer heeft hij voor altijd tot voleinding gebracht die hij geheiligd heeft.” (Heb 10:14 NB)

“28 Heeft iemand de Wet van Mozes terzijdegesteld, zonder erbarmen zal hij ‘op de mond van twee of drie getuigen’ sterven; 29 een hoeveel ergere bestraffing, denkt ge zal hij waardig worden gekeurd die de zoon van God vertrapt en het bloed van het verbond, waardoor hij geheiligd is, als iets doodgewoons beschouwt, en de Geest van de genade tart? 30 Want wij weten wie gezegd heeft: ‘aan mij is de wraak, ík zal vergelden’; en elders: ‘de Heer zal zijn gemeente oordelen’; 31 vreselijk is het te vallen in handen van de levende God!” (Heb 10:28-31 NB)

° ° °

Houd u vast aan sterke gezonde woorden.

Bestudeer Gods Woord en wees gretig en
doe je uiterste best om jezelf goedgekeurd aan te bieden aan God ,
op de juiste wijze het Woord van de Waarheid hanterend en vakkundig onderwijzend.

Zorg ervoor dat u Hem niet weigert die door Zijn Woord spreekt.

+

Engelse versie / English version: The Covenants – Summary

Voorgaande

Verscheidene Verbondakkoorden 1 Eerste beloften en overeenkomsten

Verscheidene Verbondakkoorden 2 Een Wetsverbond of wetsverdrag

Verscheidene Verbondakkoorden 3 Als persoonlijke verbintenis en tot voordeel van gehele mensheid

Verscheidene Verbondakkoorden 4 Behouden van de Wet maar Zwak door het vlees

Verscheidene Verbondakkoorden 5 Aangekondigde Zaad bezegeld door Verbond met Abraham

Verscheidene Verbondakkoorden 7 Het nieuwe verbondsslachtoffer en bemiddelaar

Verscheidene Verbondakkoorden 9 Op het hart geschreven

Inhuldiging van het nieuwe verbond

Het eeuwige verbond

Uit het land van Nazareth

++

Aanvullende artikelen

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.